
“Iedereen bouwt zijn eigen toren in de vorm van namen en titels: ik ben professional, ik ben ervaringsdeskundige, ik ben vrijwilliger, ik ben cliënt. En er is niks mis met de dingen een naam geven, maar we hangen alles op aan die ‘titels’ en vervolgens gaan we ernaar ‘handelen en wandelen’. We vergeten de grotere context namelijk dat we allereerst allemaal mensen zijn. Dus gaan we ons met de ‘titel’ vereenzelvigen.”
Henry werkt graag met en voor mensen in zijn baan als wijkvoorlichter in de stad en is behept met een diepe liefde voor de natuur - voor planten en dieren. “We zijn allemaal gelijkwaardig en verschillen tegelijkertijd van elkaar. Dat we als mens zo anders zijn dan een ander, maakt nu juist dat je altijd en overal iets van een ander kunt leren. Zodra je over jezelf zegt: ‘Ik ben dit’, sluit je een mogelijkheid om te leren vaak uit. Want, zo denken we, de professional weet meer dan de cliënt, en dus is het onmogelijk dat hij iets van de cliënt zou kunnen leren. Dat is jammer want je doet jezelf en de ander tekort. Met elkaar draaien we ons zo vast in patronen. We verliezen het zicht op of wat we doen nog wel werkt of dat het ook anders kan. Ik noem dat ‘professionalisme’, dat is iets heel anders dan professionaliteit.”
“De professional heeft zijn kennis en kunde en de cliënt ook. Een hulpverlener die zichzelf eerst als mens ziet, die gaat anders met een cliënt om. Ik vergeet nooit meer dat een ‘professionalistische hulpverlener’ tegen zijn gewoonte in over een persoonlijke ervaring vertelde. Het was tijdens de koffie dat ik mijn zorgen en verdriet uitte over dat ik minder gedichten maakte naarmate ik langer nuchter was. Ik was bang dat het helemaal op zou houden. Hij vertelde me toen dat hij zijn passie voor sporten na een ongeluk op had moeten geven en hoe hij daar nog altijd mee kampte. Ik was ontroerd. Hij bood me daadwerkelijk troost. Want ik was dus ook een mens die zo zijn menselijke worstelingen heeft in plaats van alleen een cliënt met een probleem.”
“Een professional heeft bepaalde kennis, kunde en ervaring omdat hij ergens voor geleerd heeft. Een cliënt heeft bepaalde kennis, kunde en ervaring die hij, via wat we dan een ‘ongewoon’ leven noemen, heeft opgedaan. De een weet niet meer dan de ander, de een weet iets anders dan de ander. En die verschillen daar moet je je voor open durven stellen. Dan kom je tot een echte verrijking van je eigen kennis, kunde en ervaring. En dat is waar we nu echt aan toe zijn, ook in de zorg.”