
De Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) geeft gemeenten de taak ervoor te zorgen dat alle burgers 'meedoen' aan de samenleving en dat niemand 'uit de boot valt'.
Die wet bepaalt ook, dat alle instellingen die vanuit die Wmo door gemeenten worden betaald een klanten- of cliëntenraad moeten hebben. Dus niet alleen de zorginstelling die hulp bij het huishouden levert, maar ook het welzijnswerk en de maatschappelijke dienstverlening.
Organisaties voor welzijn en maatschappelijke dienstverlening leveren veel verschillende diensten. Deze vallen voor een groot deel onder de werking van de Wmo.
Bijvoorbeeld: straathoekwerk en buurtbegeleiding van jongeren, sport en spel in de buurt en activiteiten in wijkcentra (Welzijnsstichtingen), psychosociale begeleiding, Algemeen Maatschappelijke Werk, schuldhulpverlening en sociaal raadsliedenwerk, gecoördineerd ouderenwerk, verslavingszorg en opvang van dak-en thuislozen (Maatschappelijke Opvang).
Ook Vrouwenopvang (bijvoorbeeld Blijf-van-mijn-lijfhuizen), migrantenorganisaties en organisaties voor vluchtelingenwerk vallen onder de werking van de Wmo.
De activerende en ondersteunende begeleiding (AB en OB) worden vanaf januari 2010 nog maar voor een klein deel uit de Awbz betaald. Het is de bedoeling dat het welzijnswerk veel van deze begeleiding overneemt. Maar veel gemeenten hebben nog geen duidelijk beleid voor de opvang van de cliënten die daardoor “uit de boot vallen”.
Stichtingen Welzijn Ouderen (SWO). Het gecoördineerd ouderenwerk, de dienstencentra voor ouderen, meestal werkend onder de naam Stichting Welzijn Ouderen (SWO) heeft de meeste overeenkomsten met de oorspronkelijke doelgroep van LOC. Veel van de werkzaamheden die de SWO’s verrichten vallen onder het derde, vierde en vijfde ‘prestatieveld’ van de Wmo.
Concreet gaat het bij dergelijke stichtingen meestal om: cursussen, sociaal-culturele activiteiten, inloopochtenden, oppasservice voor mantelzorgers, maaltijdvoorziening (Tafeltje-dekje), preventief huisbezoek aan 75+ers, klussen- en boodschappendienst en het organiseren van aangepaste vervoersvoorzieningen. Ook Stichtingen Maatschappelijke Dienstverlening (SMD) doen ook werk in de genoemde prestatievelden. Bijvoorbeeld: maatschappelijk werk, sociaal raadsliedenwerk, schuldhulpverlening en gecoördineerd ouderenwerk.
Vanwege de Wmo zoeken steeds meer SWO’s en SMD’s samenwerking met lokale welzijnsstichtingen. Vaak gaan zij fuseren, waardoor grote organisaties ontstaan die binnen een gemeente of zelfs regio minimaal vijf van de negen “prestatievelden” van de Wmo voor hun rekening nemen, variërend van bewonersparticipatie en buurtbeheer tot loketten wonen/zorg/welzijn, informatie aan ouders en jeugdigen en maatjesprojecten.
Ook is het belangrijk dat door de ontwikkeling van woon-zorg-zones / woon-diensten-zones steeds meer zorginstellingen, woningcorporaties en welzijnsinstellingenen intensiever samenwerken. Zo kunnen zij gezamelijk zorg en diensten aanbieden aan zelfstandig wonende ouderen, gehandicapten en chronisch zieken.
Gezien de ervaring van LOC op het terrein van medezeggenschap bij intramurale en extramurale zorg en dienstverlening ligt het voor de hand dat LOC deze organisaties kan ondersteunen bij het vormgeven van medezeggenschap.